"If we were pressed to give one reason, one specific observation why life in nepal seems so much more vivid than anywhere else, I would answer with a single word: time. There is a quality to time spent in Nepal that can only be described as inhalant.
Back home in the Wild West, time whips by with the relentless and terrible purpose of a strangling vine filmed in fast motion. A week, two months, ten years snap past like amnesia, a continual barrage of workdays, appointments, dinner dates and laundromats, television shows and video cassettes, parking meters, paydays, and phone calls...
    You can watch it from Asia. You read the newspapers, you think about your friends back home -marching along in the parade of events- and you know it's still happening. It's happening there. On the other side. Yesterdays, todays and tomorrows are tumbling after each other like Sambo and the tiger, blending into an opaque and viscous ooze. There is no such thing as NOW there; only a continual succession of laters, whipping their tendrils around the calendar. The clutches of the vine...
In Nepal, the phenomenon is reversed. Time is a stick of incense that burns without being consumed. One day can seem like a week; a week like months... Mornings stretch out and crack their spines with the yogic impassivity of house cats. Afternoons bulge with a succulent ripenes, like fat peaches. There is time enough to do everything -write a letter, eat breakfast, read the paper, visit a shrine or two, listen to the birds, bicycle downtown, change money, buy postcards, shop for Buddhas- and arrive home in time for lunch..."
(and write something for the weblog...)
                                                               Jeff Greenwald - Shopping for Buddhas
For three weeks now we have been submerged in this new to us Nepali culture. We take a moment to reflect on the differences from home. Maybe the Orient does offer some answers to the questions we have come to ask ourselves in the West...or vice versa.
Here is the traditional Nepali greeting: Namaste, as in "hello" or "welcome". Usually accompanied by a joining of the hands to the chest (the heart) as in prayer or slight bowing.
This way the greeting also expresses a deeper sentiment of goodwill and respect among people of all ages. [As posted in an earlier blog] Namaste literally means The sacred in me greets the sacred in you. What a beautiful, gentle intent to make contact with another human being. Sometimes one can observe Nepalis in conversation holding each other's hand or fingers as if to say "I want to be close to you and feel what you have to say".
The much used words 'Bistari, bistari' ( slowly, slowly ) and 'Bholi garne' ( do tomorrow ) reflect the character of the average Nepali and the sharp contrast with our western 'A type' drive to get as much as possible out of our day "and we want it done yesterday". When we take the time to stop the world we can look back and question ourselves why and for whom? As iour friend Paul Simon so aptly put it many years ago, before I was old enough to understand what he meant, "Slow down, you move too fast, gotta make the moment last...".
The omnipresence of the sitting Buddha is no coincidence here. The Buddha suggests we sit down and meditate to achieve detachment form the illusions of existence, from suffering. How everyone applies the Buddha's teachings is up to them. Buddhism has many faces. After observing the local scene, this has been the subject of much educational discussion for Johan and me. The Buddha shows the way - we have to walk the path. Subject of a future blog, no doubt.
When Nepalis do get going, then they 'Chumnu' ( go for a walk ). Very little evidence of pressure here - even the street vendors let up easily, now that we can express ourselves with a minimum of words. I have yet to see anyone running in the streets. The other day we were laughing at the mere suggestion of westerners in Bodnath using the Stupa circle to go for their daily jog - we laugh a lot, we laugh easily. The shortest distance between two points may be straight, even in Nepal, but it is not always the most interesting, not for Nepalis, not for us visitors. Better to keep an open mind and look for the signs on the way - maybe they hold a message? 
And when it is time to go - there is a time for coming and a time for going, leaving friends, work or home, they just go, without saying much. Nobody's business where they're headed and besides, who knows if they arrive where they're headed and just how long they will be gone. After all, a wise man travels not to arrive but for the sake of the journey. If they should add something, 'Ma janchu' will do - "I'm going"
That's all folks.
I'm outtahere for now.
See you later, alligator
So long.
Ma janchu, JohanPieter
Inspired by a column of Susal Stebbins: In a word...

Wanneer je al enkele weken ondergedompeld bent in een totaal andere cultuur en leefpatroon dan 'thuis', is het relevant eens stil te staan bij sommige verschillen in gewoonten. Misschien biedt het oosten wel enkele antwoorden op problemen waar wij in het westen al langer mee worstelen of vice versa...

Eerst en vooral is er hun wijze van begroeten. Het woord 'NAMASTE' kan je gewoon vertalen als 'hello!' of 'welkom!. Het gaat echter meestal gepaard met een beweging van de handpalmen tegen elkaar voor de borst (of het hart) zoals in een gebed en een lichte buiging. Op deze wijze drukt de begroeting ook diepere gevoelens uit van welwillendheid en respect tussen personen van alle leeftijden. In feite betekent Namaste -zoals je kan lezen in het prachtige gedicht elders in deze Blog- in essentie " Het heilige in mij groet het heilige in jou..." .  En is dat nu geen prachtige, hartverwarmende intentie om contact te leggen met een ander menselijk wezen? Sommige Nepalezen houden tijdens hun conversatie ook continu elkaars handen of vingers vast alsof ze willen zeggen: 'ik wil dicht bij jouw zijn en ik wil ook voelen wat je zegt'...

Ook de veelgebruikte woorden 'Bistari, bistari' (trager, trager!) en 'Bholi garne' (zal het morgen doen!) drukken het onthaastend karakter uit van de gemiddelde Nepali en zijn een antigif voor onze westerse drang om het allemaal zeer snel te klaren, het liefst tegen gisteren! Gekkenwerk eigenlijk en weinigen stellen zich de vraag: waarom of voor wie of wat zijn we zo voortdurend zo bezig? De zittende Boeddha is niet zomaar een toevallig symbool hier. In tegenstelling tot het in onze christelijke cultuur ooit zo populaire kruissymbool (lijden, sterven, afzien, verlossing?) zegt de Boeddha ons: " Ga eens rustig zitten en mediteer en laat ondertussen de illusies van het bestaan aan je innerlijk oog voorbijtrekken en probeer je te onthechten (gulden middenweg)."

Schieten de Nepalezen dan al eens in gang dan is het meestal om eens rond te kuieren ('Chumnu'). Weinig gebeurt hier echter overhaast of opgejaagd. Ik zag hier eigenlijk nog niet iemand rennen over straat - hiervoor dienen wel onze (westerse) moto's en jeeps. Het rechte of kortste pad (tussen A en B) is voor een Nepali zeker niet altijd het interessantste. Je kan beter je geest openhouden en op de 'tekens' letten onderweg. Mischien hebben zij een boodschap voor jou?
En als ze dan al eens ergens weggaan (van thuis, van het werk, van een groepje vrienden..) doen Nepali dit meestal zonder woorden. Wie heeft er eigenlijk zaken met wat iemand daarna gaat doen en bovendien ben je toch nooit zeker op voorhand of iets een uurtje of een halve dag zal duren. So what! Als ze zich dan toch al verplicht voelen om iets te zeggen bij het afscheid is het 'Ma Janchu'. Wat zoveel betekent als: "Ik ben weg!"
Verdere commentaar overbodig...Johanpieter
Inspired by a column of Susal Stebbins: In a word...

08:51 Gepost door johanpieter | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.